Nummer 1: Wat betekent het in de Bijbel?




  • Het getal 1 in de Bijbel symboliseert eenheid, voorrang en Gods unieke aard, waarbij de nadruk wordt gelegd op monotheïsme en de eenheid van God.
  • Het betekent het begin van alle dingen, Gods oppermacht als schepper en eenheid onder de gelovigen in Christus.
  • De spirituele symboliek van 1 omvat primaatschap, eenheid, nieuw begin, heelheid en individualiteit in geloof.
  • Christenen worden aangemoedigd om de betekenis van 1 toe te passen door prioriteit te geven aan hun relatie met God, eenheid in de Kerk na te streven en integer te leven.
Dit item is deel 50 van 54 in de serie Bijbelse numerologie

Wat betekent het getal 1 in de Bijbel?

In de Heilige Schrift heeft het getal 1 een krachtige betekenis, die eenheid, voorrang en de unieke aard van de Almachtige God vertegenwoordigt. Terwijl we ons verdiepen in de betekenis ervan, moeten we dit onderwerp met eerbied benaderen, erkennend dat getallen in de Bijbel vaak diepe spirituele symboliek dragen.

Het getal 1 symboliseert de eenheid en eenheid van God. In Deuteronomium 6:4 vinden we de Shema, een centraal gebed in het jodendom dat verklaart: "Hoor, o Israël: De Heer, onze God, de Heer is één.” Deze fundamentele verklaring bevestigt de monotheïstische aard van ons geloof en onderscheidt het van polytheïstische overtuigingen uit de oudheid (Mnich, 2021, blz. 328–362). Het concept van Gods eenheid wordt verder benadrukt in het Nieuwe Testament, zoals Jezus zelf deze waarheid in Marcus 12:29 bevestigt.

Het getal 1 staat voor het primaat en het begin van alle dingen. In Genesis 1:1 lezen we: “In het begin schiep God de hemelen en de aarde.” Dit vers stelt God vast als de eerste beweger, de bron van de hele schepping. Het getal 1 symboliseert dus Gods suprematie en Zijn rol als de grondlegger van het bestaan zelf.

In de christelijke theologie wijst het getal 1 ook op de eenheid van de gelovigen in Christus. Zoals de heilige Paulus in Efeziërs 4:4-6 schrijft: “Er is één lichaam en één Geest... één Heer, één geloof, één doop, één God en Vader van allen.” Deze passage illustreert prachtig hoe het concept van eenheid zich uitstrekt tot de Kerk en haar relatie met God.

Ten slotte moeten we rekening houden met de spirituele implicaties van het getal 1. Het herinnert ons aan onze oproep om prioriteit te geven aan onze relatie met God boven alles, in navolging van het eerste gebod om geen andere goden voor Hem te hebben. Op onze weg van geloof worden we aangemoedigd om eerst het koninkrijk van God te zoeken (Matteüs 6:33), en ons vertrouwen en toewijding te stellen in Hem die alle lof waardig is.

Als we de betekenis van het getal 1 in de Schrift overdenken, laten we ons dan inspireren om onze eenheid met God en elkaar te versterken en de krachtige waarheid van Zijn unieke natuur en onze plaats in Zijn goddelijke plan te erkennen.

Hoe vaak komt nummer 1 in de Bijbel voor?

Terwijl we de frequentie van het getal 1 in de Heilige Schrift onderzoeken, moeten we deze vraag benaderen met zowel wetenschappelijke strengheid als geestelijk onderscheidingsvermogen. Hoewel exacte tellingen kunnen variëren afhankelijk van de vertaling en of we ordinale getallen (eerstgeborenen, enz.) opnemen, kunnen we waardevolle inzichten verkrijgen door de gebeurtenissen te onderzoeken.

In de oorspronkelijke talen van de Bijbel – Hebreeuws, Aramees en Grieks – komt het getal 1 honderden keren voor. Maar de betekenis ervan gaat verder dan louter kwantiteit. De frequentie van het gebruik ervan onderstreept het belang van eenheid, voorrang en singulariteit in het bijbelse verhaal en onderwijs (Kalvesmaki, 2013).

Door het hele Oude Testament heen vinden we de nummer 1 die in verschillende contexten wordt gebruikt. In het scheppingsverslag van Genesis wordt elke dag gemarkeerd als "de eerste dag", "de tweede dag", enzovoort, waardoor een patroon van goddelijke orde wordt vastgesteld. Het concept “één” is ook prominent aanwezig in de Tien Geboden, waarbij de nadruk wordt gelegd op de aanbidding van één God en de eenheid van het gezin bij het eren van de ouders.

In het Nieuwe Testament speelt de nummer 1 nog steeds een cruciale rol. Jezus spreekt vaak over eenheid, zoals in Johannes 17:21, waar Hij bidt voor Zijn volgelingen “dat zij allen één mogen zijn”. De vroege zoals beschreven in Handelingen, wordt gekenmerkt door de eenheid van doel en geest.

De betekenis van het getal 1 in de Schrift gaat niet alleen over kwantiteit, maar ook over kwaliteit. Elke gebeurtenis draagt gewicht en betekenis, vaak wijzend op diepere spirituele waarheden. Zo spreekt Paulus in Efeziërs 4:5 over "één Heer, één geloof, één doop", waarbij de nadruk wordt gelegd op de eenheid van het christelijk geloof en de christelijke praktijk.

Als we kijken naar de frequentie van het getal 1 in de Bijbel, moeten we niet vergeten dat het werkelijke belang ervan niet ligt in statistische analyse, maar in de krachtige theologische concepten die het vertegenwoordigt. Het roept ons op om na te denken over de eenheid van God, de eenheid van gelovigen en het primaat van ons geloof in ons leven.

Mogen we ons op onze spirituele reis laten inspireren door deze talrijke verwijzingen naar eenheid, het streven naar eenheid in onze gemeenschappen en de singulariteit van doelgerichtheid in onze toewijding aan God. Laten we de Schrift benaderen met een hart dat openstaat voor de wijsheid die is ingebed in elk woord, aantal en concept, altijd proberend ons begrip te verdiepen en ons geloof te versterken.

Wat zijn enkele belangrijke Bijbelverzen die het getal 1 gebruiken?

Terwijl we de belangrijkste Bijbelverzen onderzoeken die het getal 1 gebruiken, ontdekken we een tapijt van goddelijke waarheid dat zowel het Oude als het Nieuwe Testament omvat. Deze verzen verlichten de kernprincipes van ons geloof en bieden leiding voor ons spirituele leven. Laten we enkele van deze cruciale passages met eerbied en inzicht onderzoeken.

Een van de meest fundamentele verzen is Deuteronomium 6:4, bekend als de Shema: "Hoor, o Israël: De Heer, onze God, de Heer is één.” Deze verkondiging van Gods eenheid vormt de hoeksteen van het monotheïstische geloof en herinnert ons aan de bijzondere focus van onze aanbidding en toewijding (Mnich, 2021, blz. 328-362).

In het Nieuwe Testament zien we dat Jezus deze waarheid bevestigt in Marcus 12:29-30: "Het belangrijkste," antwoordde Jezus, "is dit: "Hoor, o Israël: De Heer onze God, de Heer is één. Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand en met heel uw kracht.” Hier weerspiegelt Jezus niet alleen de Shema, maar verbindt hij deze ook met het grootste gebod, waarbij hij de nadruk legt op de integrale relatie tussen het begrijpen van Gods eenheid en ons antwoord van volledige liefde.

Efeziërs 4:4-6 breidt het begrip eenheid prachtig uit: "Er is één lichaam en één Geest, net zoals u tot één hoop werd geroepen toen u werd geroepen; één Heer, één geloof, één doop; één God en Vader van allen, die over allen en door allen en in allen is.” Deze passage onderstreept de eenheid van de Kerk en haar verbinding met de drie-enige God.

In Johannes 10:30 legt Jezus de krachtige verklaring af: "Ik en de Vader zijn één", waarmee Hij Zijn goddelijke natuur en Zijn eenheid met God de Vader openbaart. Dit vers is van cruciaal belang voor het begrijpen van de leer van de Drie-eenheid en de goddelijkheid van Christus.

Galaten 3:28 spreekt over de eenheid van de gelovigen in Christus: "Er is noch Jood noch heiden, noch slaaf noch vrij, noch is er mannelijk en vrouwelijk, want jullie zijn allen één in Christus Jezus." Dit vers benadrukt het afbreken van sociale barrières en het creëren van een nieuwe, verenigde identiteit in Christus.

Hoe wordt Gods eenheid getoond aan de hand van het getal 1 in de Bijbel?

Het getal 1 in de Bijbel staat voor Gods eenheid en eenheid, een fundamenteel beginsel van het monotheïstische geloof. Dit concept wordt krachtig uitgedrukt in Deuteronomium 6:4, bekend als de Shema: "Hoor, o Israël: De Heer, onze God, de Heer is één.” Deze verklaring van Gods unieke aard vormt de hoeksteen van de joodse en christelijke theologie.

Door de hele Schrift heen zien we deze eenheid op verschillende manieren weerspiegeld. In de schepping wordt God afgebeeld als de enige Schepper, die het universum voortbrengt door Zijn unieke wil en kracht. In het eerste vers van Genesis staat: "In het begin schiep God de hemelen en de aarde", met de nadruk op God als de enige bron van al het bestaan.

Het concept van Gods eenheid wordt verder versterkt in de Tien Geboden, waar het eerste gebod verklaart: "Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben" (Exodus 20:3). Dit stelt Gods unieke en exclusieve aanspraak op goddelijkheid vast, verwerpt polytheïsme en bevestigt monotheïsme.

In het Nieuwe Testament bevestigt Jezus deze eenheid in Marcus 12:29-30, waarbij hij de Shema aanhaalt en het primaat ervan benadrukt. De apostel Paulus versterkt dit concept ook in 1 Korintiërs 8:6, waarin staat: "Maar voor ons is er één God, de Vader, uit wie alle dingen zijn en voor wie wij bestaan, en één Heer, Jezus Christus, door wie alle dingen zijn en door wie wij bestaan."

Deze eenheid van God is niet alleen een numeriek concept, maar spreekt tot Zijn ondeelbare natuur, Zijn opperste gezag en Zijn uniciteit. Het onderstreept dat er geen fragmentatie of verdeeldheid is binnen de Godheid, zoals de christelijke theologie de Drie-eenheid bevestigt. Het getal 1 symboliseert dus Gods absolute eenheid, soevereiniteit en onvergelijkbaarheid.

Welke geestelijke betekenissen worden geassocieerd met het getal 1 in de Schrift?

De nummer 1 in de Schrift draagt een rijke spirituele symboliek die verder gaat dan het vertegenwoordigen van Gods eenheid. Het betekent vaak voorrang, eenheid en een nieuw begin, elk met krachtige spirituele implicaties voor gelovigen.

Het getal 1 staat voor primaatschap en suprematie. In Kolossenzen 1:18 wordt Christus beschreven als “de eerstgeborene uit de dood, opdat hij in alles bij uitstek zou zijn”. Dit primaat strekt zich uit tot de positie van God in ons leven, zoals in het eerste gebod wordt benadrukt. Geestelijk roept dit gelovigen op om God de eerste plaats te geven in hun hart en leven.

1 symboliseert eenheid, in het bijzonder in het lichaam van Christus. In Efeziërs 4:4-6 benadrukt Paulus deze eenheid: “Er is één lichaam en één Geest... één Heer, één geloof, één doop, één God en Vader van allen.” Deze eenheid is niet alleen theologisch maar ook praktisch en roept gelovigen op om in harmonie en wederzijdse liefde te leven.

Het getal 1 betekent ook een nieuw begin. De eerste scheppingsdag markeert het begin van de tijd zelf. In het Nieuwe Testament wordt de eerste dag van de week belangrijk als de dag van de opstanding van Christus, die een nieuwe schepping en een nieuw verbond symboliseert. Dit aspect van 1 moedigt gelovigen aan om spirituele vernieuwing en transformatie te omarmen.

1 kan heelheid en volledigheid vertegenwoordigen. In de bijbelse numerologie wordt het vaak gezien als het getal van volmaakte eenheid. Dit kan worden toegepast op het concept van heiligheid - apart worden gezet en volledig aan God worden gewijd.

Ten slotte kan 1 onafhankelijkheid en individualiteit symboliseren in een spirituele context. Hoewel we geroepen zijn tot eenheid in Christus, heeft elke gelovige een unieke relatie met God en een duidelijke roeping. Dit individuele aspect van 1 herinnert ons aan de persoonlijke aard van het geloof en onze individuele verantwoordelijkheid voor God.

Deze spirituele betekenissen van 1 – voorrang, eenheid, nieuw begin, heelheid en individualiteit – bieden rijke inzichten voor spirituele groei en begrip van onze relatie met God en anderen.

Hoe verhoudt het getal 1 zich tot Jezus Christus in de Bijbel?

Het getal 1 heeft een belangrijke betekenis in relatie tot Jezus Christus in de hele Bijbel, met de nadruk op Zijn unieke aard, missie en relatie met God de Vader.

Jezus wordt voorgesteld als de enige Zoon van God. Johannes 3:16 verklaart beroemd: “Want God heeft de wereld zo liefgehad dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven.” Dit unieke karakter wordt verder benadrukt in Johannes 1:14, waarin wordt gesproken over Jezus als “de eniggeborene van de Vader”. Het nummer 1 hier onderstreept de unieke status van Christus en de onvergelijkbare relatie met God.

Jezus wordt afgeschilderd als de enige bemiddelaar tussen God en de mensheid. In 1 Timotheüs 2:5 staat: “Want er is één God en één bemiddelaar tussen God en de mensheid, de mens Christus Jezus.” Dit benadrukt de unieke rol van Christus bij het verzoenen van de mensheid met God, een thema dat tot uiting komt in zijn uitspraak: “Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij" (Johannes 14:6).

Het concept van Christus als de eerstgeborene is ook belangrijk, met betrekking tot het primaat aspect van 1. Kolossenzen 1:15 beschrijft Jezus als "de eerstgeborene van de hele schepping", niet in tijdelijke zin in termen van voorrang en soevereiniteit over de schepping.

De eenheid tussen Christus en de Vader is een cruciaal aspect van Zijn identiteit. Jezus verklaart in Johannes 10:30: "Ik en de Vader zijn één", waarmee hij de onafscheidelijke aard van de Godheid benadrukt, terwijl hij onderscheid tussen personen handhaaft.

In de context van verlossing wordt Christus voorgesteld als het enige volmaakte offer voor de zonde. In Hebreeën 10:14 staat: "Want door één offer heeft Hij degenen die geheiligd worden voor altijd vervolmaakt." Deze eenheid benadrukt de volledigheid en de finaliteit van het verzoenende werk van Christus.

Ten slotte wordt Jezus afgeschilderd als het enige hoofd van de Kerk. Efeziërs 1:22-23 beschrijft hoe God "alles onder zijn voeten legde en Hem als hoofd over alle dingen gaf aan het lichaam, de volheid van Hem die alles in allen vervult."

Deze verschillende aspecten – het unieke Zoonschap van Christus, Zijn rol als enige bemiddelaar, Zijn voorrang, Zijn eenheid met de Vader, Zijn ene volmaakte offer en Zijn hoofdschap van de Kerk – hebben allemaal betrekking op het getal 1, waarmee Jezus’ centrale en ongeëvenaarde positie in de christelijke theologie en soteriologie wordt onderstreept.

Wat leerden de vroege kerkvaders over de betekenis van het getal 1?

De Apostolische Vaders, die zelf discipelen van de apostelen waren, benadrukten de eenheid van God en de eenheid van de Kerk. In zijn brief aan de Efeziërs spoorde de heilige Ignatius van Antiochië gelovigen aan om “eenheid en overeenstemming” te handhaven als een weerspiegeling van Gods eenheid. Hij schreef: “Er is één God die zich heeft gemanifesteerd door Jezus Christus, Zijn Zoon, die Zijn Woord is.” (Malanyak, 2023)

De Cappadocische vaders – de heilige Basilius de Grote, de heilige Gregorius van Nyssa en de heilige Gregorius van Nazianzus – hebben de theologie van de goddelijke eenheid verder ontwikkeld ter verdediging van de Drie-eenheid. Zij leerden dat terwijl God drie Personen is, Hij één wil en één werking is. Dit concept van eenheid in de Drie-eenheid werd centraal in de christelijke leer.

Vroegchristelijke schrijvers zagen het getal 1 ook als de unieke status van Christus als de eniggeboren Zoon en enige bemiddelaar tussen God en de mensheid. Zoals de heilige Irenaeus verklaarde: “Er is één God, de Vader, en één Christus Jezus, de Heer.” (Malanyak, 2023)

De kerkvaders beschouwden het getal 1 als een krachtig symbool van Gods eenheid, de uniciteit van Christus en de eenheid van de Kerk. Ze gebruikten het om fundamentele christelijke doctrines uiteen te zetten en gelovigen aan te sporen tot geestelijke eenheid met God en elkaar. Hun leringen over de betekenis van 1 blijven de christelijke theologie en spiritualiteit tot op de dag van vandaag vormgeven.

Hoe is eenheid in de Kerk verbonden met de Bijbelse betekenis van 1?

De Bijbelse betekenis van het getal 1 is nauw verbonden met het begrip eenheid in de Kerk. Deze verbinding komt voort uit het fundamentele christelijke geloof in één God en één Redder, Jezus Christus. De apostel Paulus benadrukt deze eenheid in Efeziërs 4:4-6 en verklaart: “Er is één lichaam en één Geest... één Heer, één geloof, één doop, één God en Vader van allen.” (Widodo, 2021)

In het begin werd eenheid gezien als een weerspiegeling van Gods eenheid en een vervulling van het gebed van Christus in Johannes 17:21, “dat zij allen één mogen zijn, net zoals u, Vader, in mij bent en ik in u.” De kerkvaders benadrukten, net als de heilige Ignatius van Antiochië, het belang van eenheid onder één bisschop in elke plaatselijke kerk als een zichtbaar teken van de geestelijke eenheid van de kerk (Malanyak, 2023).

Deze eenheid is niet louter organisatorisch, maar diep spiritueel. Het is geworteld in het gedeelde geloof, hoop en liefde van gelovigen, allemaal gericht op de ene Christus. Zoals de Catechismus van de Katholieke Kerk stelt: “De Kerk is er één vanwege haar bron: "het hoogste voorbeeld en de bron van dit mysterie is de eenheid, in de Drie-eenheid van Personen, van één God, de Vader en de Zoon in de Heilige Geest."

Maar eenheid betekent niet uniformiteit. De eenheid van de Kerk, zoals het aantal ##Het is de basis van waaruit diversiteit ontstaat. Paulus gebruikt de analogie van het lichaam in 1 Korintiërs 12 om te illustreren hoe het hoewel één, veel verschillende leden en geschenken heeft (Ming et al., 2023).

In de praktijk komt deze eenheid tot uitdrukking in de gemeenschappelijke eredienst, vooral in de viering van de Eucharistie, die zowel de eenheid van de Kerk betekent als tot stand brengt. Het komt ook tot uiting in de gemeenschappelijke geloofsbelijdenis van de Kerk en in de banden van naastenliefde die gelovigen over culturele en nationale grenzen heen verenigen.

De bijbelse betekenis van 1 herinnert christenen dus voortdurend aan hun oproep tot eenheid – met God, met elkaar en in missie naar de wereld. Het daagt de Kerk uit om verdeeldheid te overwinnen, verzoening te zoeken en te streven naar de zichtbare eenheid die Christus verlangt voor Zijn volgelingen.

Zijn er profetieën in de Bijbel die het getal 1 gebruiken?

Hoewel het getal 1 niet zo prominent voorkomt in bijbelse profetieën als sommige andere getallen (zoals 7 of 12), verschijnt het wel in verschillende profetische contexten met een belangrijke betekenis. Het profetische gebruik van 1 benadrukt vaak uniciteit, voorrang, of de oprichting van een nieuwe orde.

Een van de meest opvallende profetische toepassingen van het getal 1 is te vinden in Zacharia 14:9, dat voorspelt: "En de Heer zal koning zijn over de hele aarde. Op die dag zal de Heer één zijn en zijn naam één.” Deze profetie wijst op de uiteindelijke vestiging van Gods koninkrijk, waar Zijn eenheid en soevereiniteit volledig zullen worden erkend (Widodo, 2021).

In het boek Daniël legt de profeet de droom van Nebukadnezar van een groot standbeeld uit en zegt: "Zoals u zag, werd een steen zonder menselijke hand uit een berg gesneden, en hij sloeg het beeld op zijn voeten van ijzer en klei en brak ze in stukken" (Daniël 2:34). Deze ene steen, die Christus en Zijn koninkrijk vertegenwoordigt, vernietigt de koninkrijken van de wereld en wordt “een grote berg die de hele aarde vult” (Daniël 2:35). Hier benadrukt de singulariteit van de steen de unieke en allesomvattende aard van Gods koninkrijk.

De profeet Jesaja gebruikt ook het concept van eenheid in zijn messiaanse profetieën. In Jesaja 11:1 verklaart hij: “Er zal een scheut voortkomen uit de stronk van Isaï, en een rank uit zijn wortels zal vrucht dragen.” Deze profetie wijst op de komst van één Messias uit de lijn van David, die een nieuw verbond zou sluiten (Osei & Danquah, 2024).

In het Nieuwe Testament bevat het boek Openbaring, hoewel rijk aan numerieke symboliek, ook profetieën die de nadruk leggen op eenheid. Openbaring 17:12-13 spreekt van "tien koningen" die "eensgezind zijn en hun macht en gezag overdragen aan het beest." Deze eenheid in het kwaad staat in contrast met de uiteindelijke eenheid van gelovigen met Christus. Dit thema van contrasterende eenheid is van cruciaal belang voor het begrijpen van de geestelijke gevechten die in Openbaring worden afgebeeld. Terwijl de tien koningen een collectieve trouw aan het kwaad symboliseren, dient het om de uiteindelijke overwinning van Christus en Zijn volgelingen, verenigd in geloof, te benadrukken. Deze eenheid onder gelovigen staat in schril contrast met het begripVerschil tussen duivel en demon”, aangezien de duivel het hoofd van het kwaad vertegenwoordigt, terwijl demonen fungeren als tal van agenten van zijn invloed en de verschillende uitingen van rebellie tegen Gods soevereiniteit aan het licht brengen.

Deze profetieën die het concept van eenheid of singulariteit gebruiken, herinneren ons aan Gods uiteindelijke plan om alle dingen in Christus te verenigen (Efeziërs 1:10). Zij wijzen op een toekomst waarin verdeeldheid zal ophouden en Gods volk volmaakt in Hem verenigd zal zijn. Als christenen moedigen deze profetieën ons aan om te werken aan eenheid in het heden, terwijl we uitkijken naar de perfecte vervulling ervan in Gods koninkrijk.

Hoe kunnen christenen de Bijbelse betekenis van 1 toepassen op hun dagelijks leven?

Het toepassen van de bijbelse betekenis van 1 op het dagelijks leven nodigt christenen uit om eenheid te omarmen, prioriteit te geven aan het primaat van God en persoonlijke integriteit te cultiveren. Dit numerieke symbool, dat eenheid en eenheid vertegenwoordigt, biedt krachtige inzichten voor spirituele groei en praktisch leven.

Christenen kunnen dit concept toepassen door prioriteit te geven aan hun relatie met de ene ware God. Deuteronomium 6:4 zegt: "Hoor, Israël! De Heer, onze God, de Heer is één.” Deze fundamentele waarheid roept gelovigen op om hun leven op God te richten, waardoor Hij de primaire focus is van hun gedachten, daden en beslissingen. In de praktijk kan dit betekenen dat je elke dag begint met gebed en het lezen van de Schrift, voortdurend Gods leiding zoekt en ernaar streeft om je wil af te stemmen op die van Hem (Widodo, 2021).

De Bijbelse betekenis van 1 moedigt christenen aan om eenheid na te streven in het Lichaam van Christus. Zoals Paulus in Efeziërs 4:3 aanspoort, moeten gelovigen “alle moeite doen om de eenheid van de Geest te bewaren door de band van vrede”. Dit kan worden toegepast door actief te werken aan het oplossen van conflicten, diversiteit binnen het gemeenschapsleven te omarmen en deel te nemen aan het gemeenschapsleven. Het kan gaan om het bereiken van een medegelovige met wie men het niet eens is, of het doen van een poging om verschillende aanbiddingsstijlen of theologische perspectieven binnen het orthodoxe christendom te begrijpen en te waarderen (Ming et al., 2023).

Het concept van eenheid kan christenen inspireren om persoonlijke integriteit te cultiveren en hun innerlijke overtuigingen af te stemmen op uiterlijke handelingen. Jezus bad dat Zijn volgelingen "één" zouden zijn, net zoals Hij en de Vader één zijn (Johannes 17:21). Deze eenheid van doel en zijn kan worden weerspiegeld in een leven van authenticiteit en consistentie. In de praktijk zou dit kunnen betekenen dat men in alle opzichten naar eerlijkheid moet streven, ervoor moet zorgen dat zijn privéleven in overeenstemming is met de openbare geloofsbelijdenis, en moet proberen christelijke waarden uit te dragen op alle gebieden van het leven – werk en gemeenschap.

Het begrijpen van de Bijbelse betekenis van 1 kan christenen motiveren om hun unieke roeping te omarmen. Elke gelovige is uniek geschapen en begaafd door God voor specifieke doeleinden (1 Korintiërs 12:4-7).

Ontdek meer van Christian Pure

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder

Deel met...