Wat zegt het boek Job expliciet over het hiernamaals van Job?
Wanneer we nadenken over de eeuwige bestemming van Job, de rechtvaardige man uit het land Uz, moeten we ons wenden tot het rijke tapijt van de Bijbelse Schrift om onze antwoorden te zoeken. Het boek Job is een diepgaand bewijs van de beproevingen van het geloof en de raadselachtige aard van goddelijke rechtvaardigheid, maar het laat expliciete vermeldingen achter van het hiernamaals gehuld in mysterie. In tegenstelling tot de duidelijke beweringen van het eeuwige leven in de Nieuwe Testament, Job's verhaal richt zich meer op de aardse gevolgen van zijn trouw en lijden.
Theologische inzichten kunnen echter worden ontleend aan verschillende belangrijke passages. In Job 19:25-27 verklaart Job: "Want ik weet dat mijn Verlosser leeft, en ten slotte zal hij op de aarde staan. En nadat mijn huid zo is vernietigd, zal ik toch in mijn vlees God zien, die ik voor mezelf zal zien, en mijn ogen zullen zien, en niet een ander.” Deze welsprekende geloofsbelijdenis duidt op een hoop die het louter fysieke herstel overstijgt, wat een begrip van verlossing en een gemeenschap met God suggereert die suggereert eeuwig leven.
"Want ik weet dat mijn Verlosser leeft, en ten slotte zal hij op de aarde staan. En nadat mijn huid zo vernield is, zal ik God in mijn vlees zien." - Job 19:25-26
Hoewel de Oude Testament biedt geen duidelijke leerstellige uiteenzetting over de hemel, het standvastige geloof van Job en zijn vertrouwen in een levende Verlosser ondersteunen interpretaties die aansluiten bij latere christelijke openbaringen van het eeuwige leven. De kerkvaders en theologen hebben in de loop van de geschiedenis over deze implicaties gedebatteerd en vaak gewezen op het onwrikbare vertrouwen van Job in Gods gerechtigheid en barmhartigheid als een aanwijzing voor een geloof in een of andere vorm van voortbestaan met God.
Laten we samenvatten:
- Het eeuwige lot van Job wordt niet expliciet beschreven in het boek Job.
- Job 19:25-27 wijst op een diepe hoop op verlossing en het zien van God na de dood.
- In het Oude Testament ontbreekt het over het algemeen aan expliciete discussies over de hemel.
- Theologische interpretaties koppelen het geloof van Job vaak aan het begrip eeuwig leven.
Hoe verhouden de uitspraken van Job over zijn Verlosser in Job 19:25-27 zich tot het begrip hemel?
In Job 19:25-27, Job verklaart hartstochtelijk: "Want ik weet dat mijn verlosser leeft, en ten slotte zal hij op de aarde staan. En nadat mijn huid zo is vernietigd, zal ik toch in mijn vlees God zien, die ik voor mezelf zal zien, en mijn ogen zullen zien, en niet een ander.” Dit is een diepe geloofsbelijdenis, rijk aan eschatologische implicaties. Job beweert zijn geloof in een levende Verlosser die hem uiteindelijk zal betuigen. Zijn hoop overstijgt zijn directe lijden en kijkt uit naar een toekomst waarin hij God direct zal ontmoeten.
Deze verklaring wordt vaak geïnterpreteerd als een verwijzing naar de opstanding en de belofte van eeuwig leven. Job’s gebruik van de term “Redeemer” (Hebreeuws: “go’el”) is belangrijk, aangezien het traditioneel verwijst naar een gezinsbeschermer of wreker, iemand die opkomt voor zijn gerechtigheid. In een bredere theologische context begrijpen christenen deze Verlosser als een voorbode van Christus, die wordt gezien als de ultieme Verlosser van de mensheid. De bewering van Job dat "in mijn vlees ik God zal zien" suggereert een geloof in lichamelijke opstanding, resonerend met de christelijke leerstellingen van het hiernamaals en de eeuwige vereniging met God.
In Job 19:25-27 wordt “hemel” niet expliciet genoemd, maar het geeft blijk van een diep vertrouwen in Gods ultieme rechtvaardigheid en het herstel van zijn relatie met het goddelijke. Het benadrukt een toekomstgericht geloof in Gods verlossing, zelfs na de dood. De beelden van het zien van God “met mijn eigen ogen” onderstrepen een intieme en persoonlijke ontmoeting met het goddelijke, in overeenstemming met hemelse visioenen die in andere delen van de Bijbel worden beschreven.
De verklaring van Job kan dus worden gezien als een voorloper van latere theologische ontwikkelingen over de hemel en het eeuwige leven. Het weerspiegelt een vroeg, maar diepgaand begrip van het duurzame karakter van de menselijke ziel. Relatie met God en de hoop op ultieme rechtvaardiging en vernieuwing.
Laten we samenvatten:
- Job drukt een vast geloof uit in een levende Verlosser die op de aarde zal staan.
- Deze uitspraak wordt geïnterpreteerd als een verwijzing naar opstanding en eeuwig leven.
- De term “Redeemer” is belangrijk en duidt op een goddelijke beschermer en vindicator.
- Job's visie om God “in mijn vlees” te zien, suggereert een geloof in lichamelijke opstanding.
- De passage weerspiegelt een diep vertrouwen in Gods ultieme gerechtigheid en persoonlijke verlossing.
- Hoewel “hemel” niet expliciet wordt genoemd, sluit het aan bij bijbelse concepten van eeuwig leven met God.
Is er een directe vermelding van de hemel of eeuwig leven in het verhaal van Job?
Het boek Job is uniek onder de wijsheidsliteratuur van het Oude Testament en gaat dieper in op de thema's lijden, rechtvaardigheid en geloof. Maar als het gaat om de expliciete vermelding van de hemel of het eeuwige leven, blijft de tekst opvallend stil. Nergens in de dialogen tussen Job en zijn vrienden, noch in de goddelijke verhandelingen van God, vinden we duidelijke verwijzingen naar een hiernamaals of opstanding. Het verhaal richt zich meer op aardse ervaringen en goddelijke soevereiniteit dan op eschatologische beloften.
Men zou kunnen aannemen dat het diepe lijden en het uiteindelijke herstel van Job zou leiden tot een discussie over eeuwige beloning, maar dit is niet het geval. In plaats daarvan eindigt het boek met Job die een lang, voorspoedig leven leidt nadat zijn beproevingen voorbij zijn, zonder te vermelden wat er na de dood gebeurt, misschien als gevolg van de oude context in het Nabije Oosten en de beperkte openbaring over het hiernamaals die op dat moment beschikbaar was.
De hoop op een verlosser in Job 19:25-27 – waar Job het geloof uitdrukt dat zijn Verlosser leeft en dat hij God zal zien – wordt door christelijke theologen vaak geïnterpreteerd als een voorloper van latere openbaringen over opstanding en eeuwig leven. In de tekst zelf zijn de verklaringen van Job echter eerder een bewijs van zijn onwankelbare geloof in Gods gerechtigheid dan een duidelijke leerstellige bewering van de hemel.
Gedurende de dialogen reflecteert Job vaak op de aard van menselijk bestaan—de beknoptheid en het lijden ervan —maar deze reflecties gaan niet over in affirmaties over een leven na de dood. In plaats daarvan benadrukken zij de voorbijgaande aard van het leven en de ondoorgrondelijke wijsheid van Gods wegen.
Samengevat:
- Het boek Job vermeldt niet expliciet de hemel of het eeuwige leven.
- Het verhaal richt zich op aardse ervaringen en goddelijke soevereiniteit.
- Job 19:25-27 wordt door sommigen geïnterpreteerd als een zinspeling op de opstanding, maar in de tekst wordt het geloof in Gods gerechtigheid benadrukt.
- Het boek reflecteert op de aard van het menselijk bestaan zonder zich uit te breiden tot eschatologische affirmaties.
Hoe interpreteren theologen het geloof van Job in relatie tot zijn eeuwige bestemming?
Wanneer theologen zich verdiepen in het geloof van Job en de implicaties daarvan voor zijn eeuwige bestemming, benadrukken zij vaak de diepe diepte van zijn geestelijke standvastigheid en onwrikbaar vertrouwen in God. Het verhaal van Job is er een die louter sterfelijk lijden overstijgt en de kern van het menselijk bestaan en het goddelijke doel raakt. De loyaliteit van Job aan God biedt, ondanks zijn immense lijden, een glimp van de relatie tussen rechtvaardigheid, lijden en goddelijke vergelding. Verklaring van de functie in Job 19:25-27 is bijzonder belangrijk. Hier zegt Job: "Ik weet dat mijn verlosser leeft en dat hij uiteindelijk op aarde zal staan. En nadat mijn huid verdorven is, zal ik God in mijn vlees aanschouwen. Ikzelf zal hem met mijn eigen ogen zien – ik, en niet een ander.” Deze verkondiging suggereert een vast geloof in een persoonlijke opstanding en een ontmoeting met God, met de nadruk op een hoop die de wereld in de tijd overstijgt. Theologen interpreteren deze verzen als Job, die een diepgeworteld geloof in Gods ultieme rechtvaardigheid en rechtvaardiging van de rechtvaardigen uitdrukt. Het ontbreken van expliciete vermelding van de hemel of eeuwige beloningen in het boek Job heeft ertoe geleid dat sommigen de reis van Job beschouwen als een reis die gebaseerd is op de realiteit van menselijk lijden en goddelijk mysterie, in plaats van duidelijke eschatologische beloften. Het geloof van Job in beproeving en zijn uiteindelijke herstel door God suggereren echter een onderliggend vertrouwen in de goedheid en rechtvaardigheid van God dat aansluit bij bredere bijbelse thema’s van opstanding en eeuwig leven. Theologen verbinden ook vaak het geloof van Job en de implicaties ervan aan de bredere schriftuurlijke context. Bijvoorbeeld, in het Nieuwe Testament, passages zoals Jakobus 5:11 verwijst naar Job als een voorbeeld van doorzettingsvermogen en Gods mededogen. Het uithoudingsvermogen en de uiteindelijke rechtvaardiging van Job door God bevatten een theologie die weliswaar niet expliciet de hemel of de hel beschrijft, maar wel resoneert met de beloften van goddelijke rechtvaardigheid en beloning die overal in de Schrift te vinden zijn.
- Het geloof van Job is een hoeksteen van het onwrikbare vertrouwen in Gods ultieme gerechtigheid.
- Job 19:25-27 suggereert een geloof in persoonlijke opstanding en goddelijke ontmoeting.
- Het boek Job richt zich meer op menselijk lijden en goddelijk mysterie dan op expliciete eschatologie.
- Het verhaal van Job, gezien in een bredere bijbelse context, sluit aan bij thema’s als goddelijke rechtvaardigheid en eeuwig leven.
Welke inzichten bieden de geschriften van de kerkvaders over het hiernamaals van Job?
Bij het bestuderen van de geschriften van de Kerkvaders, ontdekt men een schat aan theologische reflectie die licht werpt op het hiernamaals van Job. De vroegchristelijke theologen beschouwden Job niet alleen als een historische figuur, maar als een archetype van de lijdende rechtvaardigen, een voorloper van Christus in zijn volharding en trouw in beproeving. In hun beschouwingen trokken zij vaak parallellen tussen de ervaringen van Job en het bredere christelijke begrip van redding, verlossing en eeuwig leven.
Sint-Augustinus interpreteert bijvoorbeeld de verklaring van Job in Job 19:25-27 — “Ik weet dat mijn verlosser leeft en dat hij uiteindelijk op de aarde zal staan” — als een diepe Uitdrukking van geloof in de opstanding. Augustinus zag in de woorden van Job een weerspiegeling van de hoop op Christus, die uiteindelijk alle rechtschapen lijdenden zou verlossen. Voor Augustinus is Job een symbool van de eeuwige beloning die wacht op degenen die ondanks immens lijden standvastig blijven in hun geloof.
Evenzo verdiepte Gregorius de Grote zich in het geduldige uithoudingsvermogen van Job, waarbij hij stelde dat de kwellingen van Job en het daaropvolgende herstel emblematisch waren voor een ziel die door goddelijke beproeving werd beproefd en verfijnd, wat leidde tot eeuwige glorie. Gregorius betoogde dat de uiteindelijke rechtvaardiging van Job door God het laatste oordeel voorafschaduwde waarin de rechtvaardigen zouden worden beloond. Voor Gregorius dient het leven van Job als een allegorie voor de reis van de ziel naar haar uiteindelijke vereniging met God – een reis die uitmondt in hemelse gelukzaligheid.
Bovendien interpreteerde Hiëronymus, een andere eminente kerkvader, de beproevingen van Job als een aanwijzing voor de voorbijgaande aard van het aardse lijden in vergelijking met de bestendigheid van de goddelijke beloning. Hij benadrukte dat het onwrikbare geloof van Job te midden van zijn lijden een bewijs was van zijn uiteindelijke opname in het eeuwige leven. De geschriften van Hiëronymus suggereren dat het verhaal van Job gelovigen verzekert van het hiernamaals, waar de beproevingen van deze wereld zullen worden verdrongen door eeuwige vrede en vreugde met God.
De consensus onder deze vroege theologen is dat Job, als een rechtvaardig man die goddelijke beproevingen heeft doorstaan, de hoop belichaamt op een uiteindelijke overwinning op het lijden door geloof in Gods ultieme gerechtigheid en barmhartigheid. De overwegingen van de kerkvaders bevestigen dus de overtuiging dat het hiernamaals van Job – een bestaan dat wordt gekenmerkt door eeuwige gemeenschap met God – wordt verzekerd door zijn diepe geloof en rechtvaardigheid.
Laten we samenvatten:
- Augustinus beschouwde het geloof van Job in de opstanding als een aanwijzing voor het eeuwige leven door Christus.
- Gregorius de Grote zag het lijden en herstel van Job als een metafoor voor de reis van de ziel naar eeuwige glorie.
- Hiëronymus interpreteerde het onwrikbare geloof van Job als een teken van zijn verzekerde ontvangst in de hemel.
- Over het algemeen bevestigen de kerkvaders dat de rechtvaardigheid en het standvastige geloof van Job wijzen op zijn uiteindelijke vereniging met God in het hiernamaals.
Biedt het Nieuwe Testament referenties of inzichten over het lot van Job?
Wanneer we ons tot het Nieuwe Testament wenden voor inzichten over het lot van Job, vinden we verwijzingen die licht werpen op zijn betekenis en de deugden die hij belichaamt. Een van de meest opvallende vermeldingen is in het boek James. Jakobus 5:11 zegt: "Zie, wij rekenen hen gelukkig die volharden. Gij hebt gehoord van de lijdzaamheid van Job, en gij hebt het einde des Heeren gezien; dat de Heer zeer barmhartig is en van tedere barmhartigheid" (KJV). Deze passage benadrukt het geduld en de volharding van Job als voorbeeld voor christenen en illustreert dat, ondanks zijn immense lijden, Gods mededogen en barmhartigheid uiteindelijk werden onthuld.
Het Nieuwe Testament bevat echter geen expliciete details over het hiernamaals of de eeuwige bestemming van Job. In plaats daarvan richt het zich op zijn voorbeeldige geloof en doorzettingsvermogen. Job wordt aangeroepen als een paradigma van standvastigheid in het aangezicht van beproevingen, dienend als een inspiratie voor gelovigen die worden aangemoedigd om zijn Vertrouwen in God te midden van het lijden.
De bredere context van het Nieuwe Testament benadrukt de belofte van eeuwig leven door geloof in Jezus Christus. Terwijl Job lang voor de aardse bediening van Jezus leefde, resoneert zijn verhaal met de nieuwtestamentische thema's van geloof, gerechtigheid en goddelijke rechtvaardigheid. De brief van Jakobus verbindt Job dus indirect met deze overkoepelende christelijke motieven en gebruikt zijn verhaal om de hoop en zekerheid in Gods uiteindelijke heilsplan te versterken.
Samenvattend onderstrepen de verwijzingen in het Nieuwe Testament naar Job, met name in Jakobus:
- Het geduld en de volharding van Job als deugden voor christenen.
- De uiting van Gods mededogen en barmhartigheid door het verhaal van Job.
- De trouw van Job als voorbeeld voor gelovigen die lijden.
- De afstemming van de ervaringen van Job op nieuwtestamentische thema’s van geloof en goddelijke rechtvaardigheid.
- Indirecte bevestiging van Gods overkoepelende plan voor redding en eeuwig leven.
Wat zegt de katholieke kerk over het hiernamaals van oudtestamentische figuren als Job?
De Katholieke Kerk heeft een genuanceerde kijk op het hiernamaals van oudtestamentische figuren zoals Job. Hoewel de specifieke details van de eeuwige bestemming van Job niet expliciet in de Schrift worden beschreven, biedt de katholieke leer een kader om zijn lot te begrijpen binnen de bredere context van de heilsgeschiedenis.
Volgens de katholieke leer worden figuren als Job, die vóór de komst van Christus leefde en stierf, verondersteld naar een staat te zijn gegaan die de “Limbo van de Vaders” of “Abrahams Boezem” wordt genoemd. Dit is een tijdelijke staat van natuurlijk geluk waar de rechtvaardigen de Verlosser verwachtten. Zoals opgemerkt in de Catechismus van de Katholieke Kerk (CKK 633), was deze staat niet gelijk aan het zalige visioen van de hemel, maar was het een plaats waar de rechtvaardigen werden getroost, vrij van verdoemenis.
De katholieke theologie stelt dat Hij na Christus' dood en opstanding in dit rijk is neergedaald om deze zielen te bevrijden en naar de hemel te leiden. Deze gebeurtenis, bekend als de "verplettering van de hel", betekent de goddelijke vervulling van Gods belofte aan de gelovigen van de Het oude convenant. Door het heilswerk van Christus kon dus worden aangenomen dat Job, samen met andere rechtschapen figuren uit het Oude Testament, de hemel binnenging.
In de bredere theologische context worden het onwrikbare geloof en de rechtvaardigheid van Job, ondanks het immense lijden, gezien als een voorloper van de heilzame genade die door Christus wordt geboden. Job's standvastigheid in zijn geloof, zelfs wanneer hij de volledig beeld was buiten hem, sluit aan bij de christelijke oproep om te vertrouwen op Gods uiteindelijke plan en verlossing.
Dit perspectief onderstreept de katholieke opvatting dat de heilsgeschiedenis een continuüm is, waarbij de figuren uit het Oude Testament cruciale rollen spelen die leiden naar de redding die door Christus tot stand is gebracht. Daarom vindt het hiernamaals van Job, gehuld in het mysterie van de voorchristelijke eschatologie, zijn uiteindelijke oplossing in het Nieuwe Verbond door Jezus Christus.
Laten we samenvatten:
- De katholieke leer plaatst oudtestamentische figuren zoals Job in "Abrahams boezem" vóór de opstanding van Christus.
- Er wordt aangenomen dat de hel deze zielen heeft bevrijd, waardoor ze de hemel konden binnengaan.
- Het geloof en de rechtvaardigheid van Job waren een voorbeeld van voorchristelijke deugd, wat leidde tot zijn uiteindelijke redding door Christus.
- De heilsgeschiedenis in het katholicisme beschouwt oudtestamentische en nieuwtestamentische figuren als onderdeel van een continu goddelijk plan.
Hoe zien verschillende christelijke denominaties het lot van Job na de dood?
Inzicht in het lot van Job na de dood is complex en weerspiegelt de uiteenlopende overtuigingen over de hele wereld. Christelijke denominaties. Hier gaan we dieper in op de manier waarop verschillende tradities de reis van Job na het leven interpreteren.
Veel Categorie: Katholiek theoloog bekijk het lot van Job door de lens van de leer van de Kerk over het hiernamaals. Vaak stemmen zij de uiteindelijke bestemming van Job af op de leer van de communie van de heiligen, wat suggereert dat hij tot de rechtvaardigen behoort die op de verlossing van Christus wachtten. Deze visie ondersteunt het idee dat Job, als een man van sterk geloof en rechtvaardigheid, het eeuwige leven zou worden geschonken door het offer van Jezus, ook al leefde hij lang vóór de aardse bediening van Christus.
Protestantse interpretaties Ze variëren sterk, als gevolg van het brede spectrum binnen de protestantse traditie. Een rode draad is het geloof in Rechtvaardiging door geloof. Veel protestanten beweren dat het standvastige geloof en de rechtvaardigheid van Job erop wijzen dat hij Gods genade en dus het eeuwige leven zou hebben ontvangen. Dit perspectief wordt vaak versterkt door Job 19:25-27, waar Job uiting geeft aan vertrouwen in zijn Verlosser en een hoop die de dood overstijgt.
Oosters-Orthodox Christendom heeft een visie die de transformatieve reis van verlossing benadrukt. De orthodoxe traditie vereert Job als een martelaar van het geloof, in de overtuiging dat zijn beproevingen en lijden betekenen een pad naar theose, of vereniging met God. In deze theologie wijzen het uithoudingsvermogen en het ultieme geloof van Job, ondanks extreme tegenspoed, op zijn zuivering en bereidheid tot eeuwig leven in de Aanwezigheid van God.
Tot slot, een aantal Evangelische tradities benadrukken dat de persoonlijke relatie met Christus centraal staat in iemands eeuwige bestemming. Voor evangelicals onderstreept het verhaal van Job het belang van een onwrikbaar geloof in Gods beloften. Zij zien de hoopsverklaringen van Job in zijn Verlosser vaak als bevestigingen van zijn redding en zijn intrede in de hemel, waarmee een directe beloning wordt onderstreept voor persoonlijk geloof en rechtschapenheid.
Ondanks hun verschillen benadrukken deze interpretaties collectief de betekenis van geloof, rechtvaardigheid en de transformerend vermogen lijden op de weg naar het eeuwige leven.
Laten we samenvatten:
- Katholieken zien Job als een van de rechtvaardigen die op de verlossing van Christus wachten.
- Protestanten geloven dat het geloof van Job zijn plaats in het eeuwige leven verzekert.
- Oosters-orthodoxen zien de beproevingen van Job als een weg naar vereniging met God.
- Evangelicals richten zich op het persoonlijke geloof en de hoop van Job in zijn Verlosser.
Wat is de psychologische interpretatie van het verhaal van Job?
Wanneer we ons verdiepen in de psychologische diepten van het Boek Job, ontdekken we lagen van menselijke ervaring die diep resoneren met onze eigen worstelingen en problemen. spirituele reizen. Het verhaal van Job is niet alleen een oud verhaal over lijden en goddelijke dialoog, maar een diepgaande verkenning van de menselijke psyche geconfronteerd met de onverklaarbare aard van lijden en de zoektocht naar betekenis. Psychologisch gezien vertegenwoordigt Job de iedereen die worstelt met existentiële vragen en diepe wanhoop.
Het lot van Job is kenmerkend voor de menselijke conditie Waarin een individu, voorheen veilig en rechtvaardig, plotselinge verwoesting onder ogen ziet. Deze catastrofe schudt de fundamenten van zijn begrip en geloof. Vanuit een psychologisch perspectief kan dit worden gezien als een identiteits- en geloofscrisis. Het intense lijden van Job leidt hem door stadia die vergelijkbaar zijn met die van de moderne rouwtheorie: ontkenning, woede, onderhandelen, depressie en uiteindelijk acceptatie.
Temidden van zijn lijden behelzen de dialogen van Job met zijn vrienden en God een therapeutisch proces. Zijn vrienden vertegenwoordigen de externe stemmen die zijn lijden proberen te rationaliseren, vaak echo's van maatschappelijke of doctrinaire verklaringen die geen echte troost of begrip bieden. Job's aandringen op zijn onschuld en zijn rechtstreekse oproepen tot God kunnen worden gezien als een bewering van persoonlijke waarheid en een diepe roep om authentieke ontmoeting en begrip. Deze strijd belicht de psychologische behoefte aan integriteit en validatie in het gezicht van lijden.
Bovendien benadrukt het verhaal van Job het transformerende potentieel van lijden. Blijvend verlies en pijn leidt Job naar een dieper begrip van zichzelf en het goddelijke. Deze reis weerspiegelt het concept van individuatie van Carl Jung, waarbij het individu naar heelheid en zelfverwerkelijking gaat door de bewuste en onbewuste delen van de psyche te integreren. Het uiteindelijke herstel van Job na zijn beproevingen symboliseert psychologische en spirituele wedergeboorte, wat suggereert dat men door de donkere nacht van de ziel met meer wijsheid en diepte kan ontstaan.
Door de lens van de psychologie biedt het Boek Job inzichten in:
- De crisis van identiteit en geloof tegenover onverklaarbaar lijden.
- De therapeutische dialoog tussen Job, zijn vrienden en God, die een innerlijke strijd voor begrip en validatie weerspiegelt.
- Het transformerende potentieel van lijden dat leidt tot dieper zelfbewustzijn en spirituele groei.Â
Feiten & Statistieken
70% Amerikanen geloven in de hemel
58% Christenen geloven dat goede daden je naar de hemel kunnen brengen.
45% Amerikanen interpreteren de Bijbel letterlijk
31% Amerikanen geloven in een letterlijke hel
65% Christenen geloven in een hiernamaals
20% Amerikanen zijn onzeker over het bestaan van de hemel
50% Amerikanen geloven dat niet-christenen naar de hemel kunnen gaan
80% Evangelicals geloven in de hemel
60% Katholieken geloven in het vagevuur
40% Amerikanen geloven in reïncarnatie
Referenties
Johannes 5:28
Johannes 3:16
Johannes 3:13
